Twee groepen streden in de Nederlandse republiek om de macht. De patriotten en de orangisten. Joan Derk behoorde tot de eerste groep en vond als patriot dat het politieke systeem niet meer klopte, er was sprake van slecht landsbestuur wat zorgde voor economische en sociale verval.
In ‘Aan het volk van Nederland’ deed Joan Derk een oproep voor het vinden van medestanders.
Waarde medeburgers!
Indien u mij, de schrijver van dit stuk én mijn denkwijze en persoonlijke omstandigheden zou kennen, dan zou ik u er niet van hoeven te verzekeren dat ik geen gelukszoeker ben; dat ik niet alleen nooit wat voor ambten dan ook heb bekleed, maar dat ik die zelfs nooit bekleden of begeren kan; dat ik daarom volkomen belangeloos en bovendien geloofwaardig ben als ik u beken, zoals ik voor de alwetende God doe, dat niets dan verontwaardiging over de goddeloze wijze waarop u wordt verkocht en verraden, gepaard met een vurige wens om, voordat het voor altijd te laat is, nog een poging tot uw, tot ons aller redding te doen, mij aanzet om mij tot u te wenden.